Dimitri, Vladimir, Boris, Irina, Raya én Marina

Deze namiddag vertrokken vanuit Moskou richting Vladimir. Vladimir ligt op amper 191 km van Moskou. Vanuit Vladimir heb ik vervoer geregeld naar Suzdal. Suzdal is één van de zeven steden die deel uitmaken van de gouden ring, een groep van historische steden rond Moskou. Met zijn 10.000 inwoners is het echt wel een dorp in vergelijking met de miljoenenstad Moskou, dat wordt een leuk contrast en ik heb wel zin in een dag rust na de hectiek van het voorbije weekend. De beschrijving in de reisgids is in ieder geval veelbelovend.
Eén van die zeven steden van de gouden ring is heet Nizhny Novgorod. Geweldig maar wat hebben we daaraan ? Zoals reeds eerder vermeld is Moscou eigenlijk gewoon een gehucht in Gent en Nizhny Novgorod is gesticht door Luk De Vos. De stad heette vroeger gewoon Gorki en lokale bronnen beweren dat er in de kroegen aldaar nog iedere avond ‘Ooit was ik een soldaat’ gezongen wordt (veel betere song dan dat eeuwige Mia). Jammer genoeg heb ik daar geen stop voorzien en zal ik dat dus ook niet kunnen bevestigen.
Het vertrek uit Moskou was een beetje een ontgoocheling. Ik had vooraf tickets gereserveerd, maar ik heb die pas in Moskou ontvangen. Wat blijkt nu, ik heb een ticket naar Vladimir op trein 370 vanuit station Kursky. Er is niks mis met trein 370, den 370 is zelfs een fantastische trein maar het is niet de Transsiberië, die heeft namelijk nummer 2 en vertrekt vanuit station Yaroslav. Niks erg, maar ik heb wel ergens de kick gemist om in het station dat bordje Mockba – Владивосток te zien hangen en dan te bedenken dat die trein gewoon 6 dagen en 7 nachten doorgaat … Kleine ontgoocheling dus voor de romanticus in mij. Geen erg, vanaf Vladimir neem ik dinsdagnacht wel trein 2 en wie zal mijn kleinkinderen ooit verklappen dat ik 191 km gemist heb van de 9000 km Transsiberië. Tijdens de rit van het hotel naar het station heb ik een lange babbel gehad met chauffeur Dimitri. Dimitri bleek één van die vijftigers te zijn waarvan in de vorige post vermoedde dat ze een culture shock hadden meegemaakt. Dus toch maar eens gepolst wat hij daarvan vond, hij sprak vlot Engels dus dat hielp. Uit alles wat hij vertelde bleek eigenlijk heel veel nostalgie naar de Communistische periode. Gorbatchov die in het Westen toch hoog staat aangeschreven vond hij eigenlijk maar een “loser”.
“Ja, hij heeft ons de mogelijkheid gegeven om te reizen maar hij heeft vooral de Sovjet-Unie doen uiteenvallen. Voor 1991 waren wij een groots land met een sterke economie, een sterk leger, 16 republieken, … Na 1991 waren we plots niks meer. We kregen 50 TV-stations met vooral rommel, we mochten zeggen wat we wilden, we mochten reizen maar we hadden niks meer.”
Hij vertelde ook over zijn kinderjaren en hoe hij eigenlijk niks tekort kwam in die periode. Eigenaardig genoeg zong hij ook volop de roem van de huidige maatschappij : geen werkloosheid in Moskou (3%), geen (zichtbare) misdaad, geen armoede, een propere stad, … Hij heeft Putin niet genoemd maar veronderstel wel dat hij ferm achter zijn president stond. Ik vertelde hem ook dat het mij was opgevallen dat er zelfs op zondagavond gepoetst werd in de metro. Hij vond dat normaal en toen ik probeerde duidelijk te maken dat dit in België niet het geval is omdat arbeid duur is, kreeg ik gelijk als antwoord : dat is dan nu toch opgelost met al die Syrische vluchtelingen … De mening van één man en niet noodzakelijk de juiste maar wel een mening van binnenuit die doet nadenken.
Rond 18h30 aangekomen in Vladimir. In Suzdal heb ik een soort bed and breakfast geboekt en de eigenares (Marina) zal me komen oppikken aan het station. Op het perron staat een gezette dame me inderdaad op te wachten. Ik heb intussen heel hard geoefend op het uitspreken van dobryy den’ (klinkt als dobre djin) en Marina denkt gelijk dat ik Russisch spreek, niet dus. Zij spreekt amper Engels en maakt me duidelijk dat haar dochter op de trein zit die wel goed Engels spreekt. Iets later duikt de dochter op en verlaten we het station. Buiten staat de man van Marina te wachten, geen idee hoe die heet maar laten we hem voor het gemak Vladimir noemen. Het koppel is iets ouder dan ik en de dochter is iets jonger, maar minder knap dan die van mij natuurlijk. Mijn rugzak wordt in de Mitsubishi geladen, Vladimir en Marina stappen vooraan in en ik wordt bij de dochter op de achterbank geïnstalleerd. De Engelssprekende dochter grijpt haar telefoon vast en zal die onderweg enkel aan de kant leggen om haar tablet te nemen.
Marina heeft blijkbaar de goulash op de stoof laten staan want Vladimir geeft zijn Mitsubishi van jetje. Het gaat niet echt hard, het is vooral de rijstijl die vrij agressief is. De eerste 10 km gaan rechtdoor over een soort A12 maar dan met putten in de weg. Net zoals de echte is ook deze omzoomd met schreeuwerige lichten en lelijke winkels, brouwerij МООРТГАТ heb ik wel gemist Jurgen. De volgende 20 km rijden we door bossen en volstrekte duisternis, af en toe onderbroken door een lokale frituur. Bij het binnenrijden van Suzdal wordt de dochter gedropt en wij rijden verder door een soort tuinwijk tot we stoppen voor een heel sympathiek houten huisje. Marina nodigt mij uit om binnen te gaan, Vladimir laat me mijn bagage uit de koffer nemen, plaatst een antenne op zijn dak en gaat er vandoor. Vladimir blijkt niet de man van Marina te zijn maar de lokale taxi-chauffeur en snel blijkt ook dat Marina niet Marina is maar Irina (= het paswoord van de Wifi). Van wie die dochter dan was, Joost mag het weten.
Bij het binnenkomen valt onmiddellijk een grote foto op aan de muur : Tsaar Vladimir Putin. Ik krijg mijn kamer toegewezen en op de klok wordt aangewezen dat er om 7h30 in de keuken naast mijn kamer zal gegeten worden. Een kwartier later zwaait Irina de deur open en stopt me een telefoon in de handen. De dochter blijkt dan toch Engels te spreken en vertelt dat ik nu moet vertrekken om te gaan eten in ‘another kitchen’. Snel een jas aan, Vladimir staat al te wachten voor de deur. Bij het verlaten van mijn kamer bots ik op een mannelijk sujet die me verwelkomt met een dikke knuffel. Ik voel alle ribben van de kerel en voor het eerst in 4 dagen Rusland ruik ik een enorme Wodka-geur, duidelijk een alcoholist. Het enige wat ik versta van zijn gebrabbel is ‘Putin’, hij wijst Hem ook aan op de foto aan de muur, voorstander of tegenstander geen idee, Irina duwt hem terug de kamer in waar hij uit kwam en we vertrekken.
Achteraf realiseer ik me dat ik een foto van die man gezien had op de website van de bed and breakfast, hij zag er toen en op de foto in ieder geval een stuk beter uit. Geen idee hoe de man heet maar laten we hem dan maar Boris noemen, hij heeft in ieder geval de liefde voor Wodka gemeen met zijn vorige president.
Vladimir dropt mij en Irina twee straten verder. De deur zwaait open en een vriendelijke mevrouw nodigt mij uit om mijn schoenen te vervangen door sloefkes. Dit zal dan wel Marina zijn. Mis, dit is Raya. In de keuken van Raya staat mijn avondmaal klaar : een bordje rauwkost, gebakken aardappelen en een lapje varkensvlees met gesmolten kaas. Op TV speelt de Russische versie van Thuis of iets dergelijks en ik val aan. Irina en Raya gaan in een andere ruimte eten. Wel een beetje raar om in de keuken van een wildvreemde te zitten eten, de conversatie liep een beetje moeilijk, maar daar doen we het voor én eindelijk een beetje couleur locale.
Wie Marina is weet ik nu nog niet, maar ik weet wel dat Irina morgen pannekoeken gaat bakken als ontbijt.